Wat een polardiagram is
Een polardiagram — kortweg de polair — is de snelheidstabel van je boot. Hij beantwoordt één enkele vraag, maar dan voor elke combinatie van wind en koers: hoe snel vaart deze boot bij deze windkracht onder deze hoek ten opzichte van de wind?
Hij is opgebouwd als een tabel:
- Kopregel: de ware windsnelheid (TWS) in knopen — bijvoorbeeld 8, 12, 16, 20
- Eerste kolom: de ware windhoek (TWA) in graden — bijvoorbeeld 45°, 60°, 90°, 120°, 150°, 180°
- In de cellen: de bootsnelheid in knopen
Eén cel lees je dan zo: bij 12 knopen ware wind en 90° ten opzichte van de wind loopt de boot 7,0 knopen. Zet je dezelfde waarden uit als kromme rond een cirkel, dan ontstaat de kenmerkende vorm waaraan de polair zijn naam dankt — ingedeukt aan de wind, bol bij halve wind.
Waarom één kruissnelheid niet volstaat
De meeste tochtplanningen rekenen met één getal: vijf knopen, zes knopen, wat de boot nu eenmaal «doet». Dat getal klopt voor geen enkele koers.
- Aan de wind is een toerboot duidelijk langzamer dan zijn kruissnelheid — en hoe dichter de koers bij de wind komt, hoe harder de snelheid inzakt.
- Bij halve wind met frisse bries loopt diezelfde boot merkbaar sneller.
- Voor de wind verliest hij weer, omdat de vaart de schijnbare wind wegneemt.
- In de no-go-zone loopt hij helemaal niet: daar is de snelheid nul en moet de koers opgekruist worden.
Eén vast getal middelt dat allemaal weg. Op een kort stukje valt dat nauwelijks op. Op een dagtocht van 40 zeemijl wordt het al snel een uur verschil — en juist dat uur bepaalt of je bij daglicht binnenloopt of het havenlicht staat te zoeken.
Waar je je polair vandaan haalt
- Van de ontwerper of de klassenorganisatie. Voor veel serieschepen zijn polairen gepubliceerd.
- Uit meetbrievengegevens. ORC-certificaten bevatten berekende snelheden per hoek en windkracht.
- Uit wedstrijdsoftware. Daar staan polairen meestal als
.pol-bestand, soms als.csv. - Uit eigen aantekeningen. Wie een seizoen lang wind, hoek en snelheid door het water in het logboek bijhoudt, kan de tabel zelf vullen. Dat is de eerlijkste variant, want hij weerspiegelt jouw romp met jouw zeilgarderobe en jouw aangroei.
- Als benadering. Heb je dat allemaal niet, dan is een uit de kruissnelheid afgeleide polair nog altijd beter dan één vast getal: de vorm klopt ongeveer, alleen de hoogte is geschat.
Wat de app ermee doet
In NauticCalc leg je de polair één keer vast in het bootprofiel. Daarna werkt hij op drie plaatsen in de tochtplanning door:
- De aankomsttijd rekent per traject met de snelheid die bij de windkracht en de windhoek hoort — geïnterpoleerd tussen de tabelwaarden.
- De no-go-waarschuwing verschijnt wanneer de koers te hoog aan de wind ligt. In plaats van een ETA die onder zeil niet haalbaar is, krijg je te horen dat er opgekruist of gemotord moet worden.
- Het opkruis- en gijpplan berekent de koersen van beide boegen, de omweg ten opzichte van de directe route en de zeiltijd — en zet het wendepunt desgewenst als tussenstop in je route.
Veelgemaakte fouten
- Wedstrijdpolairen voor toervaart gebruiken. Die gaan uit van vlak water, een schone romp en een bemanning die voortdurend trimt. In de toervaart liggen de werkelijke waarden lager.
- Ware en schijnbare wind verwisselen. De polair werkt met de ware wind. Voer je de waarden van het instrument (schijnbaar) in, dan verschuift de hele tabel.
- De zeegang vergeten. Een polair geldt voor vlak water. Bij een korte zee klopt hij aan de wind niet meer: reken daar marge.
- Te grof raster. Vier windkrachten en zes hoeken zijn genoeg om te plannen. Twee hoeken is te weinig, want dan interpoleert de app juist over het gebied heen dat ertoe doet.
Kort samengevat
Een polardiagram maakt van een geraden aankomsttijd een berekende. De moeite is eenmalig — bestand importeren of sjabloon laden — en het profijt vaart elk traject mee: een ETA die bij jouw boot past, een waarschuwing voordat de koers onzeilbaar wordt en een opkruisplan waarin de omweg al is meegerekend.
Lees verder: Polardiagram (functie) · Polair vastleggen (handleiding) · Tochtbriefing
